Posts tonen met het label dinosaurier. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dinosaurier. Alle posts tonen

zaterdag 18 mei 2019

Scansoriopterygidae

Iets met Game of Thrones?

 
Scansoriopterygidae is de naam van Epidexipteryx, Yi qi, Ambopteryx en nog twee fossielen samen. Ze verschillen wat onderling, en daarom werden ze niet als soorten van één geslacht maar als soorten van één familie benoemd. Of het geslacht of familie is is wat arbitrair – paleontologen houden er zo te zien van een andere geslachtsnaam te geven. Maar duidelijk is dat de fossielen Epidexipteryx, Yi qi, Ambopteryx en nog twee fossielen  bij elkaar horen. Dat komt steeds als uitkomst uit de indelingen waarbij deze vijf fossiel samen met vele andere dinosauriërs ingedeeld worden.

Welke twee andere fossielen? Het gaat om Scansoriopteryx heilmanni en Epidendrosaurus ningchengensis.  Beide soorten zijn bekend van één exemplaar, net als Epidexipteryx, Yi qi en Ambopteryx. Ze zien er als volgt uit, waarin het rode pijltje naar de derde vinger wijst:

In beide figuren is een zwart balkje zichtbaar, dat de afmetingen geeft: het zwarte balkje is 1cm lang. Het gaat dus om kleine beestjes. Bovendien gaat het in beide gevallen om heel jonge dieren. Ondanks dat de fossielen eruit zien als platgereden egel, is er best nog wat van te maken. Veel van de botjes zijn er.

(Wikimedia Jaime Headden)

De skeletjes zijn zo sterk hetzelfde dat er gedacht wordt dat het om dezelfde soort gaat. Die soort wordt dan meestal Epidendrosaurus ninchengensis genoemd.

De twee namen betekenen zo'n beetje: 'klimmende vleugel' en 'op boom dino'. Het eerste idee over de levenswijzen van Epidendrosaurus was dan ook een boomklimmer, voor de beschrijvers van de fossielen.  Dat idee van 'boomklimmen' kwam van de lange derde vinger (zie rode pijltjes in het fossiel). Een vroege reconstructie, uit 2011, laat een klimmend kuiken zien, met veren op de voorpoten. Een beetje een Anchiornis voorpoot, en duidelijk voor het idee van vleerdino met Yi qi begon.

Klimmend Epidendrosaurus / Scansoriopteryx kuiken, reconstructie 2011
BIj deze groep fossielen met vier soorten is het duidelijk hoe details van het ene fossiel als hypothese voor de reconstructie van een ander fossiel geleend worden.

Scansoriopteryx werd het eerste gevonden, had lange armen en had duidelijk een lange derde vinger.

Epidexipteryx werd als tweede gevonden, had lange armen en mogelijk een lange hand: de hypothese is dat de derde vinger de langste is.  De staart is kort, met vier lange lintvormige veren.

Yi qi werd als derde gevonden. De achterkant van Yi qi ontbreekt in het fossiel, maar in de reconstructies krijgt hij een korte staart met vier lange veren, als Epidexipteryx.

Ambopteryx werd als vierde gevonden, zonder detail van de kop, alleen de vorm. In de reconstructies is de hypothese dat de tanden overeenkomen met die van Epidexipteryx en Yi qi, naar voren uitstekend. Ambopteryx had duidelijk een korte staart, de staartveren worden weer gereconstureerd als die van Epidexipteryx.

Bij geen van de vijf fossielen zijn veren met een schacht en baarden zichtbaar. Bij Epidexipteryx, Yi qi en Ambopteryx zijn duidelijk draadvormige veren, dinodons, aanwezig. De reconstructie met het klimmende kuiken voor Epidendrosaurus geeft dinodons als hypothese voor de bekleding van het lijf.

Al met al is dit voor alle vier soorten de verstandigste reconstructie, al zit er iets in dat niet gedocumenteerd is: de snavel.

 


********

S.A. Czerkas en . Feduccia, 2014.  Jurassic archosaur is a non-dinosaurian bird.  Journal of Ornithology 155:841–851  DOI 10.1007/s10336-014-1098-9 (beschikbaar Scansoriopteryx artikel)

F. Zhang et al, 2002. A juvenile coelurosaurian theropod from China indicates arboreal habits. Naturwissenschaften  89:394–398

vrijdag 17 mei 2019

Pluchen knuffel


"Bizar":  in de titel van een wetenschappelijke publicatie! Niet alleen in "A bizarre Jurassic maniraptoran theropod with preserved evidence of membranous wings" (Xu et al 2015), maar bijna dezelfde titel zeven jaar eerder: "A bizarre Jurassic maniraptoran from China with elongate ribbon-like feathers", een publicatie van Zhang et al, ook in Nature. Beide bizar, maar om verschillende redenen. Al gaat het om fossielen van verwante beesten.

 
Pluchen knuffel met oorwarmers. Eerste reconstructie.

Het fossiel met de lange lint-achtige staartveren is Epidexipteryx hui. In 2008, toen Epidexipteryx gepubliceerd werd, was hij het meest vogelachtige fossiel dat geen vogel was, en met 152 - 168 miljoen jaar oud ouder dan Archaeopteryx van 150.8–148.5 miljoen jaar geleden. Die begeerde status van ' naaste oudere verwant van Archaeopteryx' heeft Epidexipteryx maar een jaar gehouden: in 2009 moest hij zijn positie afstaan aan Anchiornis.

Epidexipteryx had veel vogelachtigs over zich: lange armen, korte staart, maar leek in kop en veren niet erg op een vogel. Bij de vrij korte kop vallen de naar voren gerichte voortanden op. De veren zijn onvertakt, en lijken wat op een vachtje. Het 'bizarre' in de titel slaat op de staartveren: vier lange lintvormige veren zijn aangehecht aan de korte staart. Het fossiel is afgebroken, en daarmee is het onbekend hoe lang de vier staartveren waren. Het bewaarde stuk van de staartveren is al lang.

a) Fossiel; b,c) kop met uitgelichtte tanden; d) staartveren.

De rechterarm (die ook rechts te zien is) is afgebroken bij de onderarm De linkerarm ligt gebogen met de pols en hand onder het lijf. Er zijn drie klauwtjes bewaard gebleven. Er zijn ook wat vinger- of middenhandbotjes, maar niet allemaal en het is niet zeker welke van de vinger- of middenhandbotjes het zijn. Daarmee is ook niet aan het fossiel te zien welke van de vingers de langste is. De reconstructies van deze kleine soort (geschat gewicht 164 gram) laten dan ook verschillen zien. De eerste reconstructie is die als pluchen knuffel, met de middelste van de drie vingers de langste. Al in 2008 komen er reconstructies met de derde vinger als langste.

 
Skelet

 
Epidexipteryx als takloper

Epidexipteryx als boomklimmer. Lijf en voorpoten hebben hier veren gekregen die niet gevonden zijn, min of meer op grond van Anchiornis. (tekening Emily Willoughby)

De kop, het bekken en de lange armen laten zien dat Epidexipteryx hui bij Yi qi en Ambopteryx longibrachium hoort. Had Epidexipteryx dan ook een styliform element en membraanvleugels? Niemand heeft daaraan gedacht bij de beschrijving in 2008. De pols is niet bekend; de polsbotjes zouden onder de wervels van de ruggegraat liggen als ze er waren. Het dunne spits toelopende botje dat naast een klauwtje ligt is als ribbetje benoemd.

Nu is ook duidelijk waar de staartveren van Yi qi en Ambopteryx in de reconstructies vandaan komen: van Epidexipteryx hui. Er is geen garantie dat hun staart er zo uitzag, maar dit is de meest voor de hand liggende hypothese over hun staart.

**********

Zhang et al, 2008. A bizarre Jurassic maniraptoran from China with elongate ribbon-like feathers. Nature 455: 1105-1108.

dinsdag 14 mei 2019

Tweede vleerdino


Yi qi was in 2015 de eerst gevonden vleerdino, en werd begroet met verbazing en een beetje argwaan. Klopte de interpretatie als vleerdino nu echt?

Op 9 mei 2019 is de tweede soort vleerdino gepubliceerd: Ambopteryx longibrachium, 'langarmige beide vleugel'. Het fossiel komt uit weer uit China, min of meer uit dezelfde streek en min of meer dezelfde geologische laag. Yi qi komt uit Mutoudeng, Qinglong county, Ambopteryx uit Wubaiding, Reshuitang town, Lingyuan city, Liaoning. Dat zijn twee plaatsen 150 km van elkaar (leve Google maps). Yi qi komt uit het Callovien-Oxfordien, Ambopteryx uit het Oxfordien: dat wil zeggen dat Yi qi op tussen 157 en 166 miljoen jaar geleden gedateerd wordt, en Ambopteryx wat nauwer, op 163 miljoen jaar geleden.

Ambopteryx is iets kleiner dan Yi qi, Ambopteryx geschat op 306 gram en Yi qi op 380 gram. Ambopteryx verschilt van Yi qi in een paar onderdelen, zoals een bredere of dikker ellepijp in Ambopteryx dan in Yi qi. Genoeg om te denken dat het om een andere soort gaat, al is het een verwante soort. Het fossiel van Ambopteryx heeft net wat andere botten bewaard dan het fossiel van Yi qi: Yi qi heeft een goede schedel, Ambopteryx goede achterpoten en staart.

 

 
 
 
De linkervoorpoot van Ambopteryx is goed bewaard gebleven. Zie de tekening met annotatie. Er is het linkerschouderblad ls, de linkerbovenarm lh, de linker onderarm met spaakbeen lr en ellepijp lu, drie middenhandsbeentjes mc1, mc2 em mc3, drie vingers lmd1, lmd2 en lmd3. En een styliform element se. In de buurt van de hand en het styliform element zijn restanten van een membraan aanwezig.

 


Dit is een reconstructie van het skelet, met in wit de gevonden botten. Het silhouet geeft ook een kop weer, met tanden: dat is gebaseerd op de schedel en tanden van Yi qi. Dus, we gebruiken een hypothese op grond van de redelijk overeenkomstige Yi  qi voor de schedel van Ambopteryx. Móet die hypothese juist zijn? Nee, hoeft niet. Enig ander redelijk voorstel?

 
Ambopteryx New York Times

Misschien zag Ambopteryx er min of meer zo uit als hij zweef of vloog. Met opgetrokken poten. Dat moet, om twee redenen. Ten eerste, omdat dinosauriërs hun achterpoten niet kunnen spreiden; ten tweede, omdat bij een zwevend of vliegend beest het zwaartepunt niet achter de vleugels mag liggen. Met opgetrokken poten ziet een zwevende Yi qi of Ambopteryx er van opzij ongeveer zo uit:

 


De korte staart eindigt in vergroeide wervels. En die vier veren? Die komen van weer een ander fossiel.

**********

Wang, M. et al. 2019, A new Jurassic scansoriopterygid and the loss of membranous wings in theropod dinosaurs. Nature 569: 256–259

Vleerdino

"Bizar":  in de titel van een wetenschappelijke publicatie! "A bizarre Jurassic maniraptoran theropod" volgens de beschrijvers (Xu et al 2015).  "But things have just gone from the strange to the bizarre." Dat was de reactie van de bekende paleontoloog Padian op de eerste vleerdino. (Padian 2015). Bizar zoiets in een wetenschappelijke publicatie te zien staan.

Het gaat dan ook om een vleerdino.

Vleerdinosauriërs: dinosauriërs die niet vliegen met veren aan hun arm en hand maar met een vlieghuid. Een vierde manier van vliegen naast vogels, vleermuizen en pterosauriërs. Zoiets als dit:
 

















Vleerdino's zijn zo vreemd dat ze zelfs in het assortiment fantasiebeesten schijnen te ontbreken. De reactie op de publicatie van het fossiel was dan ook: 'wat krijgen we nu?'

Het gaat om een fossiel van tussen 163 en 157 miljoen jaar oud, STM 31-2, gevonden in China. Het fossiel was te vinden waar de steen spleet, en op beide kanten van de gespleten steen was fossiel aanwezig. Alle stukken staan op de eerste foto.

Het fossiel bevat de voorkant van een gewerveld landbeest: schedel, nekwervels, wat ribben, twee voorpoten en wat achterpootbotjes. De botten liggen wat door elkaar, maar niet al te erg. Er zijn dunne draadvormige veren langs kop, nek en rug, en het stukje achterpoot. De schedel laat zien dat het om een dinosauriër uit de theropoden-groep gaat, zelfs uit de maniraptora-groep, dus vrij dicht bij de vogels. Het is een vrij klein beest, geschat op een 380 gram.

De verrassing kwam toen de botjes van de voorpoten geïdentificeerd werden. Er waren duidelijk 3 vingers, alle drie bewaard voor de rechtervoorpoot. De rechtervoorpoot is rechts op de foto.

Voor beide voorpoten waren het opperarmbeen en spaakbeen en ellepijp te vinden. Ellepijp en spaakbeen waren met wat vergroting te identificeren: zelfs in de foto's hier is hopelijk te zien dat ze over elkaar liggen en elkaar kruisen, maar in figuur Extended data 2 van de publicatie is het duidelijk. We zien drie vingers met klauwtjes, van oplopende lengte. De eerste vinger, die overeenkomt met de duim bij ons, is die aan de kant van het spaakbeen. De laatste vinger is die aan de kant van de ellepijp (bij ons is dat de pink); en hier is het de lange derde vinger.

Dan komt er een probleem, want er is aan beide zijden een bot over. Een vrij lang bot, zonder onderverdeling. Een bot dat wat toeloopt aan de losse kant en vast lijkt te zitten aan de pols. Het is even 'styliform element' genoemd, een beschrijvende benaming zonder interpretatie.

Er was geen enkel overeenkomstig bot bij de dinosauriërs bekend: in 2015 is dit de eerste keer dat een dergelijk bot bij een dinosauriër gevonden wordt. Niet dat een dergelijk bot helemaal niet voorkomt: een bot dat bij de pols uitsteekt is bekend van de reuzenkoeskoes (Petauroides volans), bij de buideleekhoorns als de sugar glider (Petaurus breviceps), bij de witkelige vliegende eekhoorn (Petaurista leucogenys) en bij de pterosauriërs. Bij de zoogdieren heet zo'n bot een spoor, en bij de pterosauriërs heet het bot het pteroid. Dus bij zwevende zoogdieren en de vliegende pterosauriërs komt zo'n bot voor. Allemaal met een vlieghuid.

De voor de hand liggende eerste hypothese is dan dat het om een beest met een vlieghuid gaat. Zijn er verdere aanwijzingen voor een vlieghuid in het fossiel? Ja, er zitten wat resten van zacht weefsel rond het styliform element en de vingers. Die resten van zacht weefsel lijken op plat dun weefsel, een membraan, van een verder nooit eerder gevonden type (bij dinosauriërs). Verder onderzoek liet melanosomen zien, cellichaampjes waarin zwarte of bruine kleurstof gevonden wordt. Het membraanachtige spul had nogal kleine ronde melanosomen, en dat betekent bruine kleurstof, terwijl de veren melanosomen voor zwarte kleurstof lieten zien.

Gaat het om een spoor met een bruine vlieghuid? Ja, als we vergelijken met andere gewervelde landdieren. Heel andere gewervelde landdieren, trouwens. Dus, we gebruiken een hypothese op grond van andere gewervelde dieren om het fossiel te verklaren.

Hoe zou  zo'n vlieghuid eruit gezien hebben? Alles wat we hebben is de lengte van het styliform element, en de aanhechting bij de pols. Dat geeft de mogelijkheden a, b en c uit de volgende figuur.

Voor glijden of zelfs vliegen lijkt mogelijkheid a de beste papieren te hebben. Het is totaal onbekend hoe ver naar achteren langs het lijf de vlieghuid doorliep.

Ter vergelijking: Vliegers: d) vleermuis; e) vogel; f) pterosauriër; Glijder:  g) witkelige vliegende eekhoorn (Petaurista leucogenys,  giant Japanese flying squirrel)

Het is duidelijk dat voor vliegen een vleugel in drie delen nodig is: bovenarm, onderarm, hand, met een vrij lange sterke bewegelijke hand. De lange derde vinger doet aan een potentiële vlieger denken, eerder dan aan een glijder.

De soort van dit fossiel is Yi qi genoemd. De publicatie is zo goed de vertaling te geven:  Yi = vleugel en qi = vreemd.

Reconstructietekening, beter dan de tekeningen hierboven.

*************

Padian, K. 2015. Dinosaur up in the air. Nature 521: 40–41

Xu, X. et al. 2015, A bizarre Jurassic maniraptoran theropod with preserved evidence of membranous wings. Nature 521: 70–73 doi:10.1038/nature14423


dinsdag 27 februari 2018

Vogeliger en vogeliger

De eerste Jurassic Park film is van 1993. Alle dino's in de film hebben een leerachtige of schubachtige buitenkant. Niemand wist toen anders. Niemand had ooit anders gedacht dan een leerachtige of schubbige buitenkant sinds de tijd dat de dinofossielen ontdekt waren. 'Dinosauriërs' immers, 'verschrikkelijke hagedissen'.  Dino's moésten er wel met schubben uitgezien hebben.

In 1996 kwam de donderslag bij heldere hemel: een fossiele dino met veerachtige structuren aan hun buitenkant, uit China. Het werd ontvangen tussen volledig ongeloof en opperste verbazing. Het mooie fossiel van Sinosauropteryx prima laat duidelijk een randje veertjes zien:

Sinosauropteryx fossiel

De eerste reconstructie, in het artikel met het verbluffence nieuws in Science van 1 november 1996, was geheel in de 'uitgebeende kale kip' traditie van dino reconstructie:

Science 1996

Intussen zijn de kleuren voor Sinosauropteryx bekend, en de kleurverdeling van het dons en de veertjes over het lijf:

Current Biology 2017, neusgat zit helemaal rechts in de tekening
 

De tweede dino met veren die ontdekt werd was Caudipteryx, die ruime bekendheid haalde door op de voorpagina van de National Geographic te staan. Dat was de 1998 National Geographic die ruime bekendheid aan de dino's met veren gaf:

Caudipteryx fossiel met staartpluim veren herkenbaar boven.

Caudipteryx 1998, nog steeds met sporen van het 'kale kip' idee.

Nu wordt Caudipteryx getekend als  een veel vogeliger beest:


Caudipteryx 2017.

 
De grootste gedaanteverwisseling hebben de 'raptors' van Jurassic Park ondergaan:

Film 1993, Jurassic Park

Game of film raptor.

De reconstructie van de kleine (!) Velociraptor is nu:

Velociraptor 2016

En de grotere Deinonychus, die in de Jurassic Park films voor Velociraptor speelt ziet er in reconstructie nu zo uit:

Deinonychs antirrhopus 2015 (etend)  en 2006 (zittend).

Niet dat Velociraptor en Deinonychys niet gevaarlijk waren. Maar ja, in Australie, in Kuranda bij Cairns, was het: blijf zo ver mogelijk van de kasuarissen vandaan als ze bij de weg lopen. Zoek ook geen ruzie met een kalkoense haan of met een krielhaan die een koppel kippen heeft. Dino's zijn fel.


Dino versus zoogdier demonstratie:

*************

Eerste nieuws over veren in dinosauriërs: Ann Gibbons , 1996. New Feathered Fossil Brings Dinosaurs and Birds Closer.  Science 274, No. 5288 (Nov. 1, 1996), pp. 720-721; verslag van de Fifty-sixth Annual Meeting of the Society of Vertebrate Paleontology, American Museum of Natural History in New York City, 16-19 October.

Publicatie Sinosauropteryx:  Chen et al 1998. An exceptionally well-preserved theropod dinosaur from the Yixian Formation of China, Nature 391: 147–152

Publicatie Caudipteryx: Ji et al 1998. Two feathered dinosaurs from northeastern China. Nature 393: 753-761


maandag 26 februari 2018

Een vogel is ... een dinosaurier met minder dan 23 staartwervels?


Caihong juji

OK, elke vogel is een dino, zie vorige blogpost. Welke dino's zijn dan vogels? Caihong heeft veren maar de veren aan de voorpoten laten zien dat hij niet kon vliegen. De veren aan de voorpoot zijn niet stijf en niet asymmetrisch, en daarom kan Caihong niet vliegen.. Caihong zou géén vogel zijn? Wat is dan een vogel?

Bij de huidige beesten is het heel duidelijk: een vogel heeft veren en vliegt ( of zal wel vliegende voorouders gehad hebben, bij de struisvogels enzo), en een hele reeks eigenschappen in zijn skelet die alleen voor vogels gelden, van vorkbeen tot loopbeen, van beweegbare bovensnavel tot kippekontje (of hoe de pygostyle in het Nederlands heet, als er al een ander woord dan pygostyle voor is). Hoe vergaat het al die eigenschappen als je naar de fossielen kijkt?

 

Veren:  Er zijn verschillende groepen dinosauriërs, en de vogels behoren bij de Theropoden, de dino-groep met de vleeseters. Misschien hadden niet alle theropoden veren, maar vermoedelijk hadden alle beesten die tot de groep coelurosauria binnen de theropoden behoren veren. Ook vogels behoren tot de coelurosauria. Dus, veren zijn niet specifiek voor vogels, er zijn buiten de vogels ook veel dino's met veren. Bijvoorbeeld ook Yutyrannus, een beest uit de groep van Tyrannosaurus rex, ver van de vogels maar een theropode, had veren. Bekend is Caudipteryx zoui, ook een beest dat duidelijk buiten de vogels staat, maar wel grote duidelijke veren aan staart en poten had.

Caudipteryx zoui, een van de vele reconstructies

Velociraptor geniet wijde naamsbekendheid vanwege de Jurassic Park films, al is het beest in de film dat de kinderen in de keuken achterna zit gebaseerd op de grotere Deinonychus. Velociraptor had veren: de aanhechtingen van slagpennen zijn gevonden op zijn ellepijp in zijn onderarm.  Die aanhechtingen houden in dat Velociraptor vrij grote veren aan zijn voorpoten had, al zijn de voorpoten veel te kort om te kunnen vliegen. Deinonychus wordt gereconstureerd met veren op grond van de verwante Velociraptor. Deinonychis is omstreeks een meter hoog bij drie meter lang inclusief staart. De spanwijdte over uitgestrekte voorpoten is 180 cm. Uit het skelet blijkt dat Deinonychus zijn voorpoten opvouwde zoals vogels dat doen, dus de hand met de pinkzijde naar de onderarm – een manier van vouwen van arm en hand die geen zoogdier, ook wij niet, de vogels nadoet. Bij naar voren uitgestrekte voorpoten staan de handen verticaal, met handpalmen naar elkaar. Velociraptor/Deinonychus in de film heeft een zoogdierpols die hij gebruikt om een deur open te maken – de echte poot is daar niet voor geschikt.

Deinonychus antirrhopus reconstructie en skelet.

Veren werkt dus niet, er zijn veel meer dino's met veren dan alleen vogels.

 

Vliegen: Vogels vliegen of hebben een vliegende voorouder, maar er zijn dino's die niet tot de vogels gerekend wordt en waarschijnlijk wel kon vliegen. Het duidelijkst is Microraptor:

Microraptor gui

Microraptor hoort bij de dromaeosauriërs, net als Velociraptor en Deinonychus, maar heeft vleugels die in staat moeten zijn tot klappende vlucht, ongeveer even goed als Archaeopteryx. Microraptor is de eerste soort die gevonden is van een aantal min of meer overeenkomstige vrij kleine dromaeosauriërs die konden vliegen of glijden.

Iedere keer dat er een analyse op grond van een grote dataset aan soorten en kenmerken op fossiele coelurosauriërs gedaan wordt komen Microraptor en zijn verwanten er als niet-vogel dino uit.

Een ander vermoedelijk vliegende dino is Anchiornis. Anchiornis behoort tot dezelfde groep dino's als Caihong, maar heeft steviger veren aan de voorpoten / vleugels. Analyse van de indeling van vele soorten op grond van veel kenmerken plaatst Anchiornis en Caihong steeds op afstand van Archaeopteryx en de vogels.

Anchiornis huxleyi

Vliegen werkt dus niet, er zijn veel meer dino's die konden vliegen dan alleen vogels.

 

Wat dan wel? Afzonderlijke eigenschappen?

Vorkbeen: komt bij veel theropode dino's voor, onder andere bij Tyrannosaurus rex

Loopbeen: Bij de huidige vogels zijn sprongbeen en hielbeen vergroeid met scheenbeen en kuitbeen, en de overige voetwortelbeentjes zijn vergroeid met de middenvoetsbeentjes tot loopbeen. Bij Archaeopteryx zijn hielbeen en sprongbeen nog onafhankelijk te zien, en zijn de middenvoetsbeentjes niet volledig vergroeid.

Beweegbare bovensnavel: De bovensnavel kan niet opklappen bij Archaeopteryx en Confuciusornis, dus er zijn beesten die duidelijk vogel zijn die hun snavel niet kunnen opklappen.

Pygostyle: de staartwervels van de huidige vogels zijn deels vrij maar klein, en deels vergroeid tot een botje in de vorm van een ploeg, de pygostyle. De meeste moderne vogels hebben 6 kleine vrije staartwervels en een pygostyle door vergroeiing van 8 staartwervels. De staartveren zitten vast aan dat botje; er zitten spiertjes aan vast die de twaalf staartveren waaiervormig kunnen spreiden of naar achter kunnen trekken. Archaeopteryx (157 miljoen jaar geleden) had 22-23 afzonderlijke staartwervels en geen enkele vorm van pygostyle. Jeholornis (122 miljoen jaar geleden) had 22 staartwervels, Confuciusornis (125 miljoen jaar geleden) had zeven vrije staartwervels en acht of negen staartwervels in een langerekte pygostyle. Daarentegen had Anchiornis minstens 32 staartwervels, Caihong had 26 staartwervels, en de Microraptor soorten hadden een wisselend aantal staartwervels, 23-30. Misschien dat 'minder dan 23 staartwervels' een goede manier is om een vogel van een dino te onderscheiden ....  . Die dino moet dan wel veren en lange armen hebben ...

Al met al, enig onderscheid tussen een niet-vogeldino en een vogeldino is verre van duidelijk. Om de uitmuntende Nederlandse wikipedia te citeren: "In een iets kortere staart ligt natuurlijk niet de essentie van het vogel-zijn besloten. Dat de vogels, die tegenwoordig zo'n wezenlijk andere groep vormen, in het beeld dat de huidige stand van wetenschap over hun evolutie kan verschaffen, zonder plotse overgangen in andere groepen vervloeien, is een teken dat die wetenschap correct hun plaats bepaald heeft."

***************






Jurassic Park: Velociraptors in de keuken: https://www.youtube.com/watch?v=dnRxQ3dcaQk